Reglement van orde, vastgesteld in de Algemene Ledenvergadering Vergadering van 27 mei 2005


Artikel 1.
Artikel 2. Verboden handelingen
Artikel 3. Toezicht
Artikel 4. Bevoegdheden van de CBO bij het toezicht op de naleving van het reglement van orde
Artikel 5. Sancties
Artikel 6. Het opleggen van sancties door het bestuur
Artikel 7. Beroep
Artikel 1.
1. Alle bij de Nederlandse Reddingshonden Bond, - verder te noemen N.R.H.B. -, aangesloten verenigingen zijn verplicht het Reglement van Orde ter kennis te brengen van allen die in welke functie of hoedanigheid dan ook betrokken zijn bij die vereniging.
2. De aangesloten vereniging ziet toe op de naleving van dit reglement door alle betrokkenen.
3. Geen andere sancties zijn mogelijk, dan in dit reglement vermeld.
4. Alle aangesloten verenigingen of leden van die aangesloten verenigingen hebben de mogelijkheid om een overtreding van dit reglement onder de aandacht van de Commissie Bijstand Opleiding, - verder te noemen CBO -, en/of het bestuur van de N.R.H.B. te brengen.
5. Dit kan mondeling gebeuren indien daardoor de mogelijkheid bestaat om de overtreding ter plaatse te constateren.
6. In alle andere gevallen schriftelijk met vermelding van naam en adres van het lid of de vereniging die de overtreding onder de aandacht van de CBO of het Bondsbestuur brengt.
7. Onder vereniging worden ook aspirant-lidverenigingen verstaan.

...naar boven

VERBODEN HANDELINGEN.

Artikel 2.
Op straffe van de in dit reglement genoemde sancties zijn verboden:
1. Alle handelingen op welke plaats of hoedanigheid dan ook verricht of toegelaten, die:
A. In strijd zijn met van de N.R.H.B., afkomstige, of erkende reglementen, staturen, of gedragsregels, hoe verder dan ook genoemd.
B. Het aanzien van het reddingshondenwerk of de hondensport in het algemeen en die van de N.R.H.B. of een bij haar aangesloten vereniging kunnen schaden.
C. In strijd zijn met de wet, de openbare orde of de goede zeden.

2. Alle handelingen op welke plaats of hoedanigheid dan ook verricht of toegelaten, waarbij:
a. Gebruik wordt gemaakt van enig mechanisch middel, elektrische stroom, of een daarop gelijkende voorziening uitdrukkelijk daaronder begrepen, voor zover die inwerkt op de hond.
b. Gebruik wordt gemaakt van halsbanden en/of speurtuigen met naar binnen gerichte pennen. Het gebruik van een bottchergeschirr is toegestaan
c. Van het onder a. genoemde is uitgezonderd het gebruik van slipkettingen.
d. Dieren worden mishandeld.

...naar boven

TOEZICHT

Artikel 3.
Het toezicht op het naleven van dit reglement berust bij:
a. De CBO als zodanig en de individuele leden.
b. De bij de N.R.H.B. aangesloten verenigingen
...naar boven


BEVOEGDHEDEN VAN DE CBO BIJ HET TOEZICHT OP DE NALEVING VAN HET REGLEMENT VAN ORDE.

Artikel 4.
1. De leden van de CBO zijn bevoegd om alle bescheiden in te zien en alle plaatsen te betreden voor zover dat noodzakelijk is voor het kunnen uitoefenen van toezicht, of om een overtreding te kunnen constateren.
2. Bij het constateren van een overtreding of bij de weigering om medewerking te verlenen zijn de leden van de CBO in vereniging of elk afzonderlijk bevoegd om de volgende maatregelen te nemen:
a. De betrokken vereniging onmiddellijk te schorsen.
b. De betrokken vereniging te verbieden:
- te trainen
- deel te nemen aan wedstrijden en/of examens
- elk hier niet genoemd evenement dat betrekking heeft op de hondensport te organiseren, daaraan deel te nemen of dat bij te wonen.
3. Geen der maatregelen duurt langer dan vier weken of acht trainingen.
4. Het lid van de CBO dat de overtreding heeft geconstateerd meldt dat binnen 3 maal 24 uur aan het bestuur van de N.R.H.B.
5. In elk geval wordt binnen 7 maal 24 uur schriftelijk gerapporteerd per aangetekende brief of persoonlijk ter hand gesteld aan de secretaris van de N.R.H.B. onder vermelding van:
a. Tijd, aard en plaats van de overtreding.
b. De naam van de betrokken vereniging.
c. De aard van de getroffen maatregel.
d. Namen en adressen van eventuele getuigen.
6. Dezelfde termijnen gelden voor het doorgeven van deze gegevens aan de betrokken vereniging.
7. Bij het niet in acht nemen van de vermelde termijnen geldt nietigheid van de genoemde sanctie.
...naar boven


SANCTIES.

Artikel 5.
1. Geen ander dan de hieronder genoemde sancties kunnen worden opgelegd.
2. 1. De sancties zijn:
a. Schorsing voor ten hoogste 12 maanden.
b. Ontzetting.
c. Het verbod tot het organiseren van evenementen, trainingen, hoe verder dan ook genoemd voor ten hoogste 18 maanden.
d. Het verbod om deel te nemen aan evenementen, trainingen, hoe verder dan ook genoemd voor ten hoogste 18 maanden.
e. Een geldboete van ten hoogste € 225, te storten in de kas van de N.R.H.B.
f. Berisping.
2. Uitgezonderd de onder b. genoemde, kunnen de sancties cumulatief worden opgelegd.
3. Het bestuur kan het voorbehoud maken bij het opleggen van een sanctie, dat de overtreding, die
aanleiding was voor het opleggen van de sanctie, mede in aanmerking genomen wordt bij het opleggen van een sanctie voor een andere overtreding.
4. De sanctie gaat pas in, nadat zij bij aangetekend schrijven aan de aangesloten vereniging is medegedeeld.
5. De door de CBO opgelegde maatregel kan in mindering worden gebracht op de sanctie.
...naar boven


HET OPLEGGEN VAN SANCTIES DOOR HET BESTUUR.

Artikel 6.
1. Alvorens een sanctie op te leggen hoort het bestuur in elk geval, onder bepaling van tijd en plaats:
a. Degene van wie de klacht afkomstig is.
b. De CBO.
c. Degene tegen wie de klacht is gericht.
d. Eventuele getuigen.
2. De betrokken partijen worden op deugdelijke wijze opgeroepen; de onder a. en c. genoemden bij aangetekend schrijven.
3. Partijen dragen zelf zorg voor het oproepen van getuigen.
4. Bij het niet verschijnen van een deugdelijk opgeroepen partij of betrokkenen, neemt het bestuur een beslissing in haar afwezigheid.
5. De beslissing van het bestuur, waarin een sanctie wordt opgelegd, is met redenen omkleed.
6. Van de beslissing wordt binnen 14 dagen, nadat de partijen, die onder 1 zijn genoemd, voor de laatste maal zijn gehoord, bij aangetekend schrijven mededeling gedaan aan degene tegen wie de sanctie is gericht.
7. Het bestuur kan besluiten haar beslissing openbaar te maken in het Bondsorgaan.
8. Bij het niet in acht nemen van de vermelde termijnen geldt nietigheid van de genoemde sanctie.
...naar boven


BEROEP

Artikel 7.
1. Binnen 14 dagen na de ontvangst van de mededeling als bedoeld in Artikel 7, lid 6, kan het getr5offen lid daartegen in beroep gaan bij de Commissie van Beroep.
2. Het beroepschrift is met redenen omkleed en wordt in drievoud bij aangetekend schrijven ingediend bij de secretaris van de Commissie van Beroep.

Aldus vastgesteld in de Algemene Ledenvergadering Vergadering van 27 mei 2005

W. Izeboud  H. Jansen  M. Gerrits
Voorzitter Secretaris Penningmeester


 ...naar boven